
Vandaag is het Internationale Vrouwendag. Ik wil er even bij stilstaan met een foto uit 1952 van een vrouw, mijn moeder.




takjes met de pluizige gele bloemetjes die in deze periode van het jaar bloeit. Vrouwendag heet hier "Festa della donna", feest van de vrouw, zoals vaderdag "festa del papà" heet en moederdag "festa della mamma". De werkelijke betekenis van de Internationale Vrouwendag verdwijnt daarmee voor een groot deel in de schaduw van de commercie, en dat is jammer. Italië heeft immers nog een lange weg af te leggen naar het punt van gelijke rechten en gelijke plichten voor man en vrouw. De vrouwen hebben een lichte numerieke meerderheid (51 procent) op het totaal van de Italiaanse bevolking. Volgens de cijfers van de Europese commissie werken ruim 23 van de circa 59 miljoen Italianen. Ik merk daarbij op dat het hier gaat om geregistreerde banen. Vooral in het zuiden wordt veel zwart gewerkt, wat dikwijls geforceerd wordt door de werkgevers. De Italiaanse staat loopt door de immense belastingontduikingen jaarlijk grofweg 200 miljard aan inkomsten mis.
Ook aan het hoofd van Italia BV vinden we een man die de touwtjes strak in handen heeft. Silvio Berlusconi heeft in zijn management 4 vrouwelijke ministers (op een totaal van 22) aangesteld. De regering bestaat derhalve voor 18 procent uit vrouwen, en op Europees niveau is dat niet eens zo laag. Een van de maatregelen waarmee de regering het hoofd wil bieden aan de economische crisis is het stapsgewijs omhoog brengen van de pensioensgerechtigde leeftijd voor vrouwen, tot op hetzelfde niveau als dat van de mannen. De grootste Italiaanse vakbond CGIL en veel vrouwen zijn tegen. Eerst gelijke rechten, gelijke salarissen en gelijke kansen, is hun standpunt. Pas dan praten we verder.